Ik krijg smart care, dus ik besta!

Ouderen moeten langer zelfstandig blijven wonen en de zorg in de instellingen moet efficiënter. Dat is een fact of life. Binnenkort zal maar liefst de helft van de ruim zeven miljoen bestaande woningen in ons land worden bewoond door senioren. De woonomgeving dient voor senioren de condities te scheppen om zich thuis te kunnen voelen. ‘Gezond bouwen’, innovaties en slimme, duurzame bouwkundige ontwerpen kunnen enorm bijdragen aan dit woongenot. Wat is bijvoorbeeld de rol en invloed van smart lighting op de kwaliteit van het wonen? Tijdens het KIEN Innovatiecongres 2015 ga ik daar op in.


Actief burgerschap, participatie en co-creatie typeren de nieuwe tijdgeest. Onze maatschappij heeft baat bij bouwkundigen die deze tijdgeest perfect aanvoelen. Mensen willen geen gebouwen, ze willen wonen. Ze kopen geen producten, ze willen veiligheid, gemak, plezier en zelfstandigheid.


Ouderen moeten langer zelfstandig blijven wonen en de zorg in de instellingen moet efficiënter. Dat is een fact of life. Binnenkort zal maar liefst de helft van de ruim zeven miljoen bestaande woningen in ons land worden bewoond door senioren. De woonomgeving dient voor senioren de condities te scheppen om zich thuis te kunnen voelen. ‘Gezond bouwen’, innovaties en slimme, duurzame bouwkundige ontwerpen kunnen enorm bijdragen aan dit woongenot. Wat is bijvoorbeeld de rol en invloed van smart lighting op de kwaliteit van het wonen? Tijdens het KIEN Innovatiecongres 2015 ga ik daar op in.


Sommige innovaties, zoals telefoneren of het regelen van de temperatuur, zijn nu de normaalste zaak van de wereld en rookmelders zijn zelfs opgenomen in het Bouwbesluit. Wat we twintig jaar geleden als heel luxe of onmogelijk ervoeren, wordt nu als normaal ervaren, denk aan thermostaten, airco, zonnepanelen, enzovoorts. Niemand kijkt meer op van beeldbellen zoals Skype, maar dat behoorde heel lang tot de wereld van sciencefiction.


Nieuwe toepassingen zoals domotica en robots in het huishouden zijn (deels) technisch mogelijk, maar algemene acceptatie, laat staan grootschalige implementatie, lijkt nog toekomstmuziek. De grens tussen inzet van efficiënte middelen en menselijke aspecten moeten we streng bewaken; een efficiënte samenleving is niet per se een gelukkige samenleving. Wonen en zorg mogen niet onpersoonlijk worden. De mens moet niet het gevoel krijgen dat hij de controle over zijn persoonlijke leefwereld kwijt raakt.


Een seniorvriendelijke woning of wijk creëren wil niet zeggen dat we per se alle ‘hindernissen’ moeten wegnemen; deze kunnen juist een prikkel of uitdaging voor de senior vormen. De omgeving moet senioren de gelegenheid bieden om middenin de ‘normale’ samenleving te wonen, niet in een gladgeschoren seniorenpark.


Het imago van de teruggetrokken, inactieve, afhankelijke bejaarde is hopeloos achterhaald. Het competentiemodel benadrukt in tegenstelling tot het deficitmodel juist de vaardigheden waarover de oudere (nog) wél beschikt.


Kortom: het is zaak dusdanige voorwaarden te creëren, dat slimme zorg wél in de persoonlijke levenssfeer past en ook iets van waarde toevoegt. Dan wordt tevens voldaan aan de behoefte aan sfeerbeleving en leefbaarheid van de woonomgeving. Er ontstaat een lonkend perspectief: ‘Ik krijg smart care, dus ik besta!’


Het lectoraat Architecture in Health van de HAN ziet het als haar taak om in co-creatie te bouwen aan de slimme en verantwoorde woonomgeving van de toekomst. Hiervoor zijn proeftuinen opgezet waarbinnen onderzoek, onderwijs en beroepspraktijk hand in hand werken aan projecten gericht op technische en sociale innovatie. Er zijn in dit kader structurele samenwerkingscontracten gesloten met onder andere Stichting KIEN.


Over ‘gezond bouwen’, slimme verlichting, het lonkend perspectief en de nieuwe tijdgeest ga ik graag met jullie in discussie tijdens het KIEN Innovatiecongres 2015.


Masi Mohammadi, lector Architecture in Health aan de HAN